Menu

Home

Ontvangst info
Scanner info
Woordenboek
Apparatuur
Modificaties

Luisteren
Frequenties
PMR kanalen
Data kanalen
Nood kanalen
Luchtvaart
Scheepvaart
Digitaal

Mystery

Downloads
Audio samples
Software

Theorie
Ontvanger
Modulatie
Golven
Projecten


Digitalisering van de radio

Inleiding

Alles moet tegenwoordig digitaal worden. We zitten nu al een tijdje in een overgangsfase. Alle 'oude' conventionele systemen moeten vervangen worden door een digitaal equivalent. De radio kan niet anders dan met deze digitale evolutie mee te gaan. Zo zijn er al tal van standaarden en protocols ontwikkeld begin jaren '90. Echter is het commercieel maken van deze nieuwe apparatuur blijkbaar een probleem.

Bijvoorbeeld bij de radio omroep wil het blijkbaar niet echt lukken. In België worden de DAB-diensten door de VRT al aangeboden van 1997. Nu begin 2006 hebben 90% van de bevolking nog altijd de vertrouwde FM-radio. En terecht want waarom zou je een DAB-toestel kopen van €250 om naar hetzelfde programma te luisteren dat je ook kan ontvangen via de FM-radio van €10.

Natuurlijk kan je niet naast de voordelen kijken van digitale overdracht:
* Efficiënter spectrumgebruik * Meer diensten tegelijk mogelijk * Databerichten verzenden * Verbeterde kwaliteit * Interactief * Bewerkbaar * Makkelijke opslag

Ook de landelijke radiocommunicatie wordt grondig hervormd door de komst van TETRA. Vroeger waren er talloze aparte netwerken, voor elke dienst één. Nu wordt er één nationaal netwerk opgebouwd dat de communicatie van deze diensten samen brengt in één centraal netwerk. Het is nu al deels gelukt om het TETRA-netwerk (ASTRID) en het pager-netwerk in België operationeel te maken.

Radio omroep

DAB

Digital Audio Broadcasting (DAB) is een Europees systeem dat sinds 1993 gedigitaliseerde radiouitzendingen mogelijk maakt en op die manier de storingen die bij de ontvangst van analoge radiosignalen optreden iets van een ver verleden maken.

DAB maakt een storingsvrije ontvangst mogelijk, waarbij ook meer zenders een etherfrequentie geboden kan worden. Dit kan een oplossing bieden voor de huidige capaciteitsproblemen op de FM-band. Bovendien is het mogelijk om tijdens de uitzendingen meer randinformatie door te sturen en (voor de luisteraars) de radioreclames weg te filteren.

Een nadeel van DAB is echter wel dat de luisteraar de digitale radioprogramma's alleen kan ontvangen met een speciaal, duurder, DAB-radiotoestel. Massaproductie moet de prijs gaan drukken, maar huidige ontvangers zijn nog duurder dan analoge ontvangers. Op termijn zou DAB de uitzendingen van de FM-band moeten vervangen.

DAB maakt gebruik van twee frequentiebanden:
* TV-band III (174–240 MHz) (VHF)
* L-Band (1452–1492 MHz) (UHF)

Landelijke radiocommunicatie

TETRA

TETRA is een afkorting die staat voor Terrestrial Trunked Radio. TETRA is een digitale standaard voor radiocommunicatie die vooral gebruikt wordt door professionele gebruikers zoals politie en veiligheidsdiensten, transportbedrijven, grote industriële complexen of het leger. TETRA is een officiële standaard opgesteld door het Europees Telecommunicatie en Standaardisatie Instituut (ETSI).

De ontstaansreden van de TETRA standaard ligt bij de specifieke eisen met betrekking tot de radiocommunicatie voor professionele gebruikers zoals. Hun specifieke eisen kunnen niet of niet voldoende door andere digitale systemen (GSM, GSM-R, GSM-Pro, DECT,...) worden. Enkele van de specifieke eisen voor de professionele gebruiker zijn:
1. Ultrasnelle opzettijd van de oproep. Bij TETRA is de tijd om een oproep op te zetten (= de tijd dat de infrastructuur nodig heeft om je oproep door te schakelen) steeds kleiner dan 500 milliseconde. Bij andere technologieën is dit in de ordegrootte van seconden. (Vb: Als je met je GSM het noodoproep 112 vormt zal dit enkele seconden duren voor je bij een noodcentrale terecht komt),
2. Gebruiksvriendelijk opzetten van groepsoproepen,
3. Het kunnen instellen van prioriteiten voor de oproepen,
4. Het gebruik van dispatchers, dit zijn operatoren die de individuele en groepscommunicatie kunnen zenden/ontvangen en vanuit deze positie de coördinatie kan uitvoeren.
5. Beschikbaarheid, een TETRA-netwerk is uitermate geschikt in gebruik tijdens noodsituaties. De hulpverleners kunnen steeds hun communicatie voeren. Andere technologieën (voor het grote publiek) hebben tijdens noodsituaties de neiging om te blokkeren (verzadigen) wegens de massale oproepen op één plaats.
6. Beveiliging tegen hacken, afluisteren,
7. Geluidskwaliteit, een digitaal systeem heeft van nature een betere geluidskwaliteit. De TETRA-technologie is ook digitaal maar heeft als extra dat het storend achtergrondgeluiden wegfilterd waardoor de spraak perfect hoorbaar door de ontvanger. Zelfs wanneer iemand spreekt nabij een helikopter, trein, autostrade, vliegtuig,....

De Amerikaanse tegenhanger van TETRA is APCO25 (hoewel APCO25 meer een norm voor digitale communicatie is dan een technologie. Zo kent APCO25 standaard geen trunking mogelijkheden). Er bestaat ook Tetrapol doch deze technologie is gebaseerd op een gesloten standaard. De rechten van Tetrapol zijn in handen van EADS.

ASTRID

De ASTRID-systemen berusten op de TETRA-norm en werken in de frequentieband 380 - 400 MHz die speciaal is voorbehouden voor de hulp- en veiligheidsdiensten in Europa.

De ontwikkeling van TETRA door het ETSI werd ondersteund door de Europese Commissie en door een vereniging van leveranciers, operators en gebruikers (TETRA MoU), waaronder een groot aantal hulp- en veiligheidsdiensten.

2 communicatiemethodes :

* « trunking mode » of "dynamische frequentietoewijzing" : de radiofrequenties worden automatisch toegewezen volgens de noden van het ogenblik. De gebruiker hoeft zich niet meer over de frequenties te bekommeren en kan zich volledig op zijn taak concentreren. Met trunking kan de capaciteit van een bepaalde frequentieband efficiënter worden benut.

* « Direct mode » of 'walkie-talkie' : maakt het mogelijk rechtstreeks te communiceren zonder gebruik te maken van het radionetwerk. Hiermee kunnen radiogebruikers dus zelfs buiten de radiodekking van het netwerk communiceren, bijvoorbeeld in kelderverdiepingen.

MAAR

Dat was hoe het theoretisch werkt. Het volgend artikel verteld hoe het er aan toe gaat in de praktijk.

Wachten op Astrid
Na tien jaar gebruikt alleen Oost-Vlaamse politie peperduur radiosysteem

Ten vroegste volgend jaar maar vermoedelijk nog later zullen alle politie- en veiligheidsdiensten uitgerust zijn met Astrid, het telecommunicatienetwerk dat begin jaren negentig met veel poeha werd aangekondigd. In Oost-Vlaanderen, waar Astrid al werkt, is er bovendien veel kritiek. Volgens de nv Astrid loopt alles echter prima. Het prijskaartje is inmiddels opgelopen tot minstens 100 miljoen euro. Het idee om één telecommunicatienetwerk op te zetten voor alle politie- en veiligheidsdiensten was zeer ambitieus. Het Heizeldrama in 1985 lag daarvan aan de basis. De hulpverlening liep toen compleet in het honderd, vooral omdat de politie- en hulpdiensten niet met dezelfde radio-apparatuur werkten en niet op dezelfde frequenties afgestemd waren. Een nieuw radiocommunicatienetwerk was dringend nodig, heette het.

Vandaag werkt Astrid alleen in Oost-Vlaanderen. Dat is een wel heel pover resultaat, want normaal moest het overal werken in 2001. Frederic Langhendries van de nv Astrid schat dat Astrid volgend jaar algemeen ingeburgerd zal zijn.
De federale overheid heeft zich dan ook flink misrekend over de tegenkantingen die zouden rijzen. Per zendmast is een pyloon nodig en voor elk daarvan is een bouwvergunning vereist. Niet alleen liggen actiecomités en particulieren dwars, ook een aantal gemeenten weigeren mee te spelen. "Vaak is er alleen maar een communicatieprobleem", sust Langhendries. Toch is het onduidelijk hoe lang het nog kan duren vooraleer de nv Astrid alle bouwvergunningen op zak heeft om de vijfhonderd pylonen te bouwen.

Extra masten nodig
In Oost-Vlaanderen werkt het netwerk al wel. Toch is hier de kritiek niet uit de lucht. Politiediensten noemen Astrid een goed systeem, maar klagen er vaak over dat het netwerk het op sommige plaatsen laat afweten, "omdat er onvoldoende dekking is in onze politiezone''. De politie van Hamme verkeert in dat geval. ,,De enige echte oplossing is extra masten bij te plaatsen, maar ik vrees dat daar geen geld voor is. Ondertussen zitten we wel met een duur abonnement en krijgen we daar geen fikse korting op", luidt het bij de politie.

Burgemeester Paul Tant van Kruishoutem heeft geen goed woord meer over voor Astrid. Volgens hem is de nv in zijn opzet mislukt. "De coördinatie van het netwerk is onvoldoende en daar draaide het toch allemaal om."
Bron www.nieuwsblad.be [09-2003]

Digital PMR446 (DMR446)

Dit zijn vergunningvrije portofoons in de 446 MHz-band.
Deze toestellen zijn sinds enkele jaren al analoog verkrijgbaar. Ook deze toestellen hebben nu een nieuwe digitale versie. De spraakoverdracht/statusberichten worden gemoduleerd met 4FSK/FDMA. De oorspronkelijke 8 kanalen kunnen met dit systeem verdubbeld worden naar 16 (raster 6,25 kHz ipv 12,5 kHz). Met 254 ID-codes kunnen gebruikersgroepen worden aangemaakt. Het max. uitgezonden blijft 500mW ERP. De 446 MHz-band is dus uitgebreid (100 kHz) voor digitale communicatie: 446.100 - 446.200 MHz. Echter in België is dit momenteel nog niet ingeplant... [05-2007]
Het eerste DMR toestel op de markt is de ICOM IC-F4029SDR.

Specifieke frequenties:

Analoog: 446.006,25 - 446.093,75 MHz
Digitaal: 446.103,125 - 446.196,875 MHz

Telefonie

Evolutie van het eerste mobiele telefoonnetwerk MOB naar het huidige digitale GSM-netwerk.

MOB1 & MOB2

In 1977 wordt in België met mobiele telefonie gestart. Onder de naam MOB1 start het eerste mobiele telefoonnetwerk, dat het tijdperk van de draadloze telefoon inluidt. Maar dit baanbrekende netwerk moet met een enorme tekortkoming afrekenen. De MOB1 is namelijk in aparte geografische zones ingedeeld zonder enig centraal controlesysteem, met als gevolg dat men, om een mobiele telefoongebruiker te bereiken, moet weten waar deze zich bevindt en zo het juiste zonenummer kan vormen. Om België volledig te bedekken zijn er 21 zendmasten (150 MHz) nodig met elk hun zone. Dus ook 21 zones. Om een abonnee te bereiken moesten dus soms 21 pogingen worden ondernomen.

Het gaat hier om een Analoog netwerk met een maximum van ongeveer 4000 abonnees. In 1986 is netwerk volledig verzadigd en wordt gestart met de opvolger de MOB2.

In 1986 wordt in België gestart met MOB2, de mobiele telefonie van de tweede generatie. Dit omdat het eerste netwerk van MOB1 volledig verzadigd is. MOB2 bouwt verder op de techniek van de MOB1 maar de zones worden kleiner en staan onderling in contact met elkaar. Dit heeft tot gevolg dat het aantal abonnees kan stijgen en je moet niet langer weten waar de abonnee zich bevindt om hem op te roepen. Het gaat wel nog steeds over een analoog netwerk. Aangezien er geen Europese overeenkomst is omtrent mobiele telefonie zijn de telefoons enkel in de Benelux bruikbaar.

Met de start van MOB3, beter bekend als GSM, komt begin jaren '90 een einde aan de hoogtijdagen van de MOB2. Toch zijn er in België eind 1994 nog steeds 59.000 abonnees op dit netwerk. In 1998 bij het stopzetten van het netwerk blijven er hier nog 8500 van over. Alle anderen hebben reeds voor het nieuwe GSM netwerk gekozen.

GSM

GSM is een aanduiding voor een standaard voor digitale mobiele telefonie. Momenteel staat de afkorting voor "Global System for Mobile Communications", daarvoor was het "Groupe Spéciale Mobile". GSM wordt beschouwd als de 2de generatie mobiele telefonie (2G). Gsm is de meest gebruikte standaard voor mobiele telefonie in de wereld. GSM-diensten worden gebruikt door meer dan 1,8 miljard mensen in meer dan 210 landen. De grootste concurrent is cdmaOne (Noord- en Zuid-Amerika). De twee belangrijkste verbeteringen bij gsm ten opzichte van daarvoor gebruikte analoge mobiele netten (1G, 1ste generatie, genoemd) waren:
* het digitaliseren van de spraak en het dus niet langer analoog verzenden van de spraaksignalen, maar digitaal
* de gebruikte frequentiebanden en het daarbij behorende honingraatpatroon voor de dekkingsgebieden, waardoor een hoge geluidskwaliteit en een constante bereikbaarheid mogelijk werd.

3G - UMTS

UMTS of Universal Mobile Telecommunications System wordt gezien als de opvolger voor GSM/GPRS (General Packet Radio Services) en biedt net als de voorgangers zowel circuitgeschakelde als pakketgeschakelde communicatiediensten.

UMTS wordt ook de derde generatie (3G) mobiele communicatie genoemd en is niets meer dan een stelsel van afspraken tussen aanbieders van verschillende mobiele netwerken. UMTS biedt een grotere verbindingssnelheid t.o.v. andere mobiele systemen. Ter vergelijking:
* 2G GSM : 9.6 Kbs of veelvouden hiervan met HSCSD
* 2.5G GPRS: 52 Kbs Met als mogelijke uitbreiding EDGE 128 Kb/s
* 3G UMTS: 384 Kbs (Maximaal 2Mb maar wordt nog niet toegepast)

Voor UMTS is een investering nodig in de infrastructuur van de huidige GSM en GPRS netwerken. Dit betreft met name het radionetwerk (UTRAN - UMTS Terrestrial Radio Access Network]. UMTS herbruikt de centrales (MSCs - Mobile service Switching Centres), routers (GSNs - GPRS Service Nodes) en de systemen voor authenticatie en autorisatie (HLR - Home Location Register) van GSM/GPRS na een beperkte aanpassing voor de hogere snelheden.
Een technologie die nog hogere snelheden haalt is HSDPA: tot 14Mbps.
De hype rondom UMTS zorgde in 2001 voor grote problemen bij de grote telecombedrijven toen de internet-zeepbel uiteen spatte en koersen zwaar daalden. De leningen die de meeste telecombedrijven aangegaan waren om de UMTS-licenties te kunnen bekostigen hingen vervolgens als molenstenen om de nek van de bedrijven en deden deze op het randje van het faillissement verkeren.

UMTS in België

Proximus lanceerde al UMTS diensten voor zakengebruikers in mei 2004 en is vanaf september 2005 van start gegaan voor eindgebruikers in 200 steden. Tegelijkertijd werden nieuwe diensten gelanceerd die gebruik maken van UMTS, de zogenaamde 3G diensten : Videotelefonie, Music Download, 3D Games, Mobile TV. In eerste instantie is het gebruik van 3G diensten gratis, vanaf 1 februari 2006 moet ervoor betaald worden.

DECT

DECT staat voor Digital Enhanced (voorheen European) Cordless Telecommunications en is een standaard voor digitale draagbare telefoons, bedoeld voor thuis- of kantoorgebruik. DECT-systemen kunnen tevens gebruikt worden voor data-overdracht.
DECT is, net als GSM, een cellulair systeem. Het grootste verschil is het bereik: een DECT-cel is enkele tientallen meters tot circa 100 meter groot, GSM-cellen kunnen tot tien kilometer groot zijn.
Een DECT toestel dat ook voldoet aan de GAP standaard is uitwisselbaar met toestellen van andere merken.
Enkele andere DECT-eigenschappen zijn:
* net bitrate: 32 kbit/s
* frequentie: 1900 MHz
* aantal draaggolven: 10 (1880 - 1900 MHz)
* timeslots: 2 x 12 (up- en downstream)
* kanaalkeuze: dynamisch
* niet of uiterst moeilijk af te luisteren
* ongevoelig voor storingen

Luchtvaart

ACARS → VDL-2

ACARS werd geïntroduceerd in de jaren '70 om een datalink te realiseren voor de burgerluchtvaart. Het is een karakter-geörienteerde communicatiemethode met een snelheid van 2.400 kbit/s. Deze snelheid is vandaag relatief gezien traag in vergelijking met bijvoorbeeld GSM: 9.600 kbit/s, UMTS: 2 Mbit/s, LAN: 100 Mbit/s en meer...
Door de trage snelheid en de vele toepassingen die er immidels bijgekomen zijn is men een nieuw systeem gaan ontwikkelen:

Vhf Digital Link Mode 2

Of kortweg VDL-2 stond op punt begin jaren '90 en is een methode om op hoge snelheid data te verzenden naar vliegtuigen.
VDL-2 werkt op een snelheid van 31.5 kbit/s. In tegenstelling tot ACARS is VDL-2 bit-geörienteerd en kan dus buiten tekstberichten ook o.a. afbeeldingen versturen dat te vergelijken is zoals bij het internet.
Men begint stilaan de nieuwe VDL-2 toestellen in vliegtuigen in te bouwen. Echter ACARS is nog steeds de primaire methode om data te versturen. Momenteel staat er al een VDL-2 grondstation in België...

Gerelateerd

Feedback




. . . Altijd in opbouw . . .
Laatst gewijzigd: 24-10-2012


--Linkbanner van deze site--

Ontwerp & beheer : "nomoresecrets", juli 2003 - oktober 2012
Best bekeken met 1024x768 schermresolutie.